CTS GROUP Talententeam: Ups-and-downs

27 november 2019
Talentontwikkeling Vorige

Ook het CTS GROUP Talententeam, 1500 meter loper Robin van Riel (AV Atilla, 19 jaar), werpster Alida van Daalen (PAC, 17 jaar), sprinter Raphaël Bouju (AV Feniks, 17 jaar) en werpster Jorinde van Klinken (Groningen Atletiek, 19 jaar), ervaren ups-and-downs in de sport.

Robin van Riel

‘Een blessure lijkt me heel lastig’

Alleen nog maar ups

‘Ik maak elke keer weer stappen, stel doelen die ik uiteindelijk grotendeels kan waarmaken. Dat komt zeker ook door mijn goede team van trainers. Zij zorgen er onder andere door krachttraining voor dat ik zo belastbaar mogelijk ben en blijf. Daardoor heb ik echte downs nog niet gekend, gelukkig. Maar ik weet dat ze nog gaan komen hoor. Ik heb bijvoorbeeld nog nooit echt een blessure gehad. Even afkloppen,’ zegt hij er snel achteraan. ‘Maar als ik naar andere atleten kijk, denk ik dat dit een heel lastige periode is. Het lijkt me zwaar om dan de juiste mindset te houden. Door een ernstige blessure raak je toch uit de bubbel van topsport. Lastig om dan bijvoorbeeld niet het leven te gaan leiden zoals m’n vrienden, die niet aan topsport doen. Maar ik denk dat ik het wel aankan, vooral omdat ik lopen ontzettend leuk vind. Ik doe het zeker niet alleen omdat ik er goed in ben, dan werkt het denk ik niet.

Bij een overwinning ben ik van binnen heel blij. Maar ik vind mezelf dan niet opeens heel goed. Ik uit het dan ook niet zo enorm, niet iedereen hoeft mijn overwinning te zien, zegt de bescheiden Robin. ‘Winnen is soms ook een raar gevoel. Ik ben dan wel heel blij maar voor mijn gevoel heb ik ook gewoon een wedstrijd gelopen. Een medaille voelt dan soms wat onwerkelijk.’

Ook met verlies lijkt de evenwichtige Robin goed om te gaan. ‘Ik vraag mezelf dan af: waar is het mis is gegaan? had ik iets kunnen doen om het te voorkomen? wat kan ik er van leren en verbeteren voor een volgende toernooi? Dus ook als ik verlies blijf ik redelijk rustig. Ik ben dan niet boos, wel teleurgesteld in mezelf hoor. Ik heb dan niet de behoefte om als ik de baan afloop direct met mensen te praten, wel wil ik dan even evalueren met mijn coach en familie.’

Alida van Daalen

‘Even schreeuwen’

Positief denken en gericht trainen

De gouden plak tijdens het EKU20 dit jaar was Alida haar hoogtepunt . ‘Toen moest ik echt een traantje laten en ook de huldiging, heel kort erna, was emotioneel. Ik heb vooral genoten op het podium, andere Team NL atleten stonden beneden te juichen, zo mooi. Direct na een overwinning zoals deze, moet ik ook wel even schreeuwen. Alle spanning komt er dan uit, alles waarvoor je hebt getraind.’

Een down kent Alida ook wel: ze had al een poos last van haar rug zonder dat de oorzaak bekend was. Na een röntgenfoto was deze direct duidelijk: een probleem in haar L5. ‘Ik kan hier niet aan geopereerd worden, dus dat betekent lang revalideren. En dat doe ik nog steeds. Ik ga veel naar mijn fysiotherapeut Eric van Putten, hij kent mij al heel lang en begeleidt me heel goed. Ik heb nog steeds wat pijn, maar ik werk nu aan sterkere romp- en rugspieren zodat ik sterk en stabiel blijf en dat werkt tot nu toe goed. Het is vervelend, maar ik ga er voor door veel te trainen. Stil zitten kan ik sowieso niet, lacht ze. ‘Ook mijn moeder helpt me positief te denken en zorgt dat ik mijn gerichte krachtrainingen blijf doen. Ze is niet alleen mijn coach maar ook mijn vertrouwenspersoon. Ze kent mij natuurlijk al m’n hele leven, dus weet goed hoe en wanneer ze me kan helpen. Maar soms is het lastig hoor, wanneer ik wat extra aandacht nodig heb, wil je niet dat mensen denken dat ik voorgetrokken word. Oktober 2018 was een grote beproeving voor Alida’s doorzettingsvermogen. ‘Ik mocht naar de Youth Athletic Games en had toen al last van mijn rug. Eén dag voor vertrek kwamen ze filmen van het Jeugdjournaal, ik maakte een verkeerde beweging. De volgende morgen had ik zoveel pijn in mijn rug, dat ik mijn bed niet uit kon komen. Ik dacht shit, wat moet ik hier nu mee? Twee weken voor mijn wedstrijd, en ik moest revalideren om überhaupt een discus te kunnen werpen. Aan het einde van de wedstrijd wist ik gewoon een 53 meter te werpen en werd hiermee vierde.’

Raphaël Bouju

‘Ik sliep met m’n medaille om’

Evalueren, dan back to work

Over zijn Up hoeft het jonge talent niet lang na te denken: de gouden plak op de 100 meter tijdens het EKU18 in 2018. Zelf was hij zestien jaar toen. ‘Nadat ik gefinisht was, keek ik direct na het uitslagenboord: zie ik mijn naam, zie ik mijn naam? Toen deze verscheen, begon ik te schreeuwen en viel op m’n knieën om god te danken. Ik was zo blij met mijn medaille, ik wilde deze niet meer af doen. Die nacht sliep ik dan ook met mijn medaille om,’ lacht de enthousiaste Raphaël. ‘Terwijl ik wachtte voor de ceremonie, kon ik niet stil zitten, ik dacht alleen maar: die gouden medaille hangt straks om mijn nek.

Een slechte race houdt me bezig, wanneer ik bijvoorbeeld een bepaalde tijd niet haal, word ik wel even boos op mezelf. Maar dan ga ik snel weer trainen. Ik wil niet te veel tijd verliezen, ik denk er even goed over na en focus me dan weer op de volgende race. Mijn coach evalueert races altijd, hij kijkt naar wat goed ging maar ook wat niet goed of minder ging. Maar wel met het motto, hier moeten we aan werken. En hij benadrukt altijd wanneer er iets minder gaat: het heeft niet voor altijd effect op je, laat het los. Wat ook minder was, ik had eerder dit jaar een tijdje last van een heupblessure, dat was even lastig. Nu heb ik hier gelukkig geen last meer van.’

Jorinde van Klinken

‘Draaien als een malle’

Praten, huilen, knuffelen

Over tegenslagen hoeft Jorinde ook niet lang na te denken. ‘Tijdens het EJK (EKU20 dit jaar) was ik de grote favoriet bij het kogelstoten en discuswerpen. Maar bij discus lag ik er tijdens de kwalificaties al uit. Terwijl ik met een voor mij gemiddelde worp al een finaleplaats zou halen. En vorig jaar (WKU20 2018) gebeurde er bijna hetzelfde, kogel ging toen nog ok maar het discuswerpen totaal niet. Ik ging met de 2e positie de wedstrijd in en kwam vervolgens niet eens bij medailles in de buurt. Ik heb er lang moeite mee gehad. Pas veel later ben ik gaan praten, huilen en veel knuffelen. Tja, verwerken zoals vrouwen dat doen toch? Het heeft geholpen en ook relativeren helpt. Ik besefte me dit is niet einde, ik krijg nog genoeg kansen. Zoals het vooruitzicht op Doha: zo gaaf om mee te maken.

Binnenkort ga ik de beelden van die wedstrijden voor het eerst terugkijken met m’n coach, een technische analyse, maar dat wordt wel zwaar. Bang dat het weer zoals vorig jaar zal gaan, ben ik niet. Ik ben een jaar trainen verder, en daardoor een ander mens, ik sta er nu totaal anders voor. Ik weet ook goed waar het mis ging hoor. Vorig jaar was ik extreem goed in vorm, ik stond als een malle te draaien in die ring, mijn lichaam dacht wat moet ik met al die kracht? Hoe krijg ik die discus er nu nog goed uit? Ik had toen zoveel energie en kracht, ik was nog niet eerder zo klaar voor een pr. Nu weet ik dat ik een tussenweg moet vinden, iets meer rust moet bewaren. Wat ook hielp na de teleurstelling tijdens het EJK, het team was super leuk en we wonnen zoveel medailles. We stonden daar met het team en wanneer er weer medaille werd gehaald, gingen met z’n allen door het dolle heen, zo tof. Ik ben heel extravert, bij een overwinning van mezelf sta ik dan ook te gillen, springen en huilen. Er komt dan zo’n ontlading los. Alleen in de sport kun je denk ik zulke momenten meemaken, dat is het mooiste wat er is.’

Tekst: Esther Vliege