Titus Fierkens: Professioneel coach met een amateurstatus

01 februari 2021
Topatletiek Vorige

In een nieuwe serie interviews komen coaches aan het woord van atleten die in de afgelopen tijd bijzondere prestaties hebben geleverd. Wie is die coach en wat is zijn visie op het trainen en op het vak van de trainer? In deze eerste aflevering ontmoeten we Titus Fierkens (1966), de man achter de geslaagde limietpoging van marathonloper Frank Futselaar.

Fierkens was als atleet op de 800 meter vooral succesvol in de jaren 1984 tot 1992 en koos in 1996 voor zijn maatschappelijke carrière als salesmanager bij Craft. ‘Mijn weken liepen te vol, ook omdat ik inmiddels vader van twee kinderen was. Daardoor kreeg ik te weinig rust’, zo kijkt hij terug op die beslissing. In 2005 klopte de voorzitter van AV De Liemers bij hem aan. Of oud-lid Fierkens zin had om een groep talentvolle lopers te begeleiden. ‘Ik merkte al snel dat die jongeren echt gedreven waren, net als ikzelf indertijd. En ik had wel zin om terug te komen in de atletiek.’

Sindsdien staat Fierkens driemaal per week op de baan in Zevenaar of in de bossen van Montferland, waar hij een groep van zo’n vijftien atleten begeleidt: junioren en senioren op afstanden tussen 800 meter en de marathon. De baantraining op dinsdagmiddag begint voor de coach al ruim voor de eerste lopers arriveren. Fierkens zet met hoedjes en horden een aantal parcoursjes uit op het kunststof. Inlopen, loopscholing en dan het programma van de dag – Fierkens begeleidt individueel, maakt schema’s op maat, maar er wordt toch als één groep getraind.

"We moeten de kans op Tokyo vergroten" 

Corona vraagt om extra maatregelen. Fierkens laat per kwartier een klein groepje komen, zodat ze op gepaste afstand hun programma kunnen afwerken. Dat betekent dat hij zichzelf steeds snel van de ene naar de andere plek op de baan moet verplaatsen om overal de juiste finesses aan te brengen in het bewegingspatroon van zijn pupillen. Maar daar hoeft de stemming niet onder te lijden, zo blijkt. Want zeker met Futselaar in de buurt is de lach nooit ver weg.

De 29-jarige Futselaar liep in december de marathon van Valencia in een p.r. van 2.11.30 en dat is precies de limiet voor de Spelen van Tokyo. Inmiddels hebben ook drie andere atleten aan die eis voldaan, terwijl Nederland slechts drie atleten naar Japan mag sturen. Voor Fierkens en Futselaar is dat de reden om zich voor te bereiden op een voorjaarsmarathon om dat p.r. aan te scherpen en de kans op deelname in Tokyo te vergroten. Coach en atleet werken sinds de winter van 2014/2015 samen. In 2018 kwam het plan op tafel om een serieuze poging te doen om de Spelen van 2020 te halen. Voor Fierkens was wel duidelijk dat Futselaar zijn leven anders zou moeten gaan inrichten: meer trainingsuren en vooral meer rust tussen de trainingen door. Dat werd mogelijk gemaakt door Hans Frieling, eigenaar van een sportcentrum in Westervoort, waar Futselaar in deeltijd werkte. Hij bracht een tiental sponsors bij elkaar waardoor de potentiële Olympiër zich drie jaar lang fulltime kon gaan richten op de sport.

Maar dan heb je wel een coach nodig die dat op vakkundige wijze kan begeleiden. Fierkens was dan wel oud-atleet, maar waar haalt hij de kennis over de trainingsleer vandaan? ‘Ik ben hier begonnen zonder opleiding, maar heb in 2010 de trainersopleiding op niveau 4 gevolgd. Ik ben gemotiveerd geraakt door Haico Scharn. Als oud Olympiër en ex-bondscoach beschikt hij over veel ervaring. Hij is als adviseur verbonden aan het team en met hem spar ik veel over topsport. Via hem beschik ik over de nodige literatuur: boeken en oude jaargangen van Track&Field News en Leichtathletik. Verder lees ik Sportgericht en NLCoach en heb ik een digitaal abonnement op Sweat Elite. Toen ik in 2005 begon, heb ik veel inspiratie opgedaan bij ervaren trainers zoals Theo Joosten, Addy Ruiter, Carel van Nisselroy en Guido Hartensveld. Ik heb heel wat gezellige ochtenden met die mannen doorgebracht.’

Vanuit welke visie bouwde Fierkens aan het trainingsprogramma voor de marathon?

‘Frank is een allround atleet, die goed is op de baan en in de cross. Hij profiteert op de marathon van de snelheid die hij op de 1500m (3.46,73) en 3000m (8.00,39) heeft. Op de 5000m (13.39,39) en 10.000m (28.50,92) liep hij vorig jaar p.r.’s. Ik zorg ervoor dat hij iedere week de snelheden op de diverse afstanden goed onderhoudt.’ ‘Dat betekent dat hij op dinsdag traint op de snelheid van zijn 3 tot 10 kilometer. Op woensdag doet hij een duurloop van 60 tot 90 minuten met progressief tempo. Op donderdag traint hij op de snelheid van zijn halve marathon (1.03) en op zaterdag doet hij lange blokken op marathontempo. Op zondag doet hij een lange, rustige duurloop. In de loop van de tijd hebben we de ochtend-duurloopjes ingekort tot ongeveer een half uur, maar die gaan wel op een wat hogere snelheid dan voorheen, tot 18km/u.’

‘Een ander kenmerk van mijn programma is dat op dinsdag, woensdag en donderdag het accent op de snelheid ligt en op zaterdag en zondag op de lengte van de trainingen. In totaal komen we tot 12 trainingen per week, inclusief een krachttraining en tweemaal core stability. Maar er zitten geen weken van 200km bij; ik vind 160 of iets meer wel voldoende.’ Futselaar traint meestal met Daan Reintjes en Yorben Ruiter. Fierkens richt de programma’s zó in dat ze een groot deel van de tijd op hetzelfde tempo kunnen lopen. ‘Dat motiveert enorm’.

"We wisten dat de basis goed was"

Futselaar debuteerde in april 2019 in Düsseldorf met een tijd van 2.16.58 op de marathon. Een half jaar later kwam hij in Amsterdam tot 2.14.06. Daarna brak een onzekere tijd aan voor atleten die hun oog hadden gericht op Tokyo. De beoogde kwalificatie-poging in april 2020 in Rotterdam werd afgelast. De Spelen werden uitgesteld. Futselaar koos voor een limietpoging in Londen, begin oktober, maar moest daar wegens kou en regen na 27km uitstappen. Acht weken later liep hij in Valencia – waarvoor hij zich veel eerder al had aangemeld – wel de vereiste tijd. Kortom: er werd de nodige flexibiliteit geëist van coach en atleet.

‘In april was Frank klaar voor een marathon in 2.11: mentaal sterk, erg fris in de trainingen. Alles klopte gewoon en toen hoorden we drie weken tevoren dat het niet door kon gaan. De eerste week had ik daar veel last van. Frank wilde gewoon doortrainen, maar kreeg het een week later moeilijk. We hebben een rustperiode van drie weken ingeruimd, alsof die marathon wél was gelopen en zijn toen aan het baanseizoen begonnen.’ Na “Londen” kostte het minder moeite de draad weer op te pakken. ‘We hebben die 27km daar opgevat als een stevige duurloop en het was fijn dat we wisten dat Valencia een tweede kans bood. Dat de basis goed was, wisten we al door zijn 28.50 op de 10.000m in een periode dat er stevig werd getraind.’ Toch moest er ook nu weer geïmproviseerd worden. Een trainingsstage van ruim drie weken in het hooggelegen Font Romeu moest Futselaar na vijf dagen afbreken wegens verscherpte corona-regels. Als vervanging trainde hij vijf dagen lang een uur in een hoogtekamer in Borculo. ‘Dan moet je goed nadenken welke prikkels je daarmee geeft en wat er aanvullend nodig is.’

Fierkens heeft een bijzondere constructie voor zijn werk als coach. Met zijn bedrijf Titussport is hij kledingsponsor van zijn trainingsgroep, die de naam Running Team Liemers draagt. Alle lopers zijn lid van de vereniging en betalen daarnaast een extra contributie aan de coach, die zo’n 20 tot 25 uur per week werkzaam is voor hen: de trainingen, het opstellen van individuele programma’s en de begeleiding bij wedstrijden. Fierkens heeft daarnaast een eigen praktijk als coach voor de begeleiding van individuele, recreatieve lopers. ‘Ik zie mezelf als een professionele coach met een amateurstatus, zegt hij met enige zelfspot.

Wat is er nodig om zijn werk als coach te verbeteren?

‘Meer samenwerking en meer overleg met de Atletiekunie. Het zou goed zijn als talentvolle atleten meer gebruik kunnen maken van de faciliteiten op Papendal, bijvoorbeeld voor krachttraining, zonder dat er meteen aan hen wordt getrokken door de bondscoaches. Natuurlijk mogen atleten hun eigen keuzes maken, maar betrek hun coaches daar dan bij.’

 

Tekst & foto's: Cors van den Brink