WJK Dag 4: Estafettemeisjes naar finale

13 juli 2012
Toernooien Vorige

Met een schitterende tijd van 44,68 heeft de 4x100 meter meisjesploeg de finale gehaald van de WK Junioren hier in Barcelona.
De jonge Nadine Visser werd na een tweede dag met enkele tegenvallers elfde in de zevenkamp.
Met een goede tijd van 13,94 plaatste Suzanne Williams zich eerder op de dag voor de halve finales van de 100 m horden.
Lisanne Hagens haalde met 1,75 meter de finale hoogspringen niet.

4 x 100 meter meisjes: Nederland naar finale

Als allerlaatste Nederlandse deelneemsters mochten vrijdagavond, op dag 4 van het kampioenschap, eindelijk de estafetteloopsters in actie komen. Geen van hen had een individueel programma, dus al sinds afgelopen zaterdag volgde het vijftal Miquella Lobo, Tessa van Schagen, Naomi Sedney, Marloes Duijn en Sacha van Agt een programma van trainen, relaxen, aanmoedigen - en hadden natuurlijk alle tijd om zenuwachtig te worden.

 

Zevenkamp, speerwerpen: Visser tiende na zes onderdelen.
Met 32,99 meter speerwerpen verdedigde Nadine Visser vrijdagavond netjes haar positie in het klassement. Hoewel het met de speer een twintigste plaats opleverde, zakte ze er maar eentje in het klassement (tiende). Ten opzichte van haar recordmeerkamp verloor ze ook enige punten (ze wierp in Emmeloord 35,02), maar de jonge atlete staat nog steeds in de plus, met uitzicht op een totaal van 5500 punten.

In het klassement leidt de Braziliaanse De Sousa (5222) voor de Cubaanse Rodriguez (5098) en de Hongaarse Krizsan (5079). Vanaf plaats zes is het bijzonder spannend. Tussen de Amerikaanse Williams (4842) en Visser op plaats 10 scheelt het maar 77 punten. VIsser heeft wel flinke voorsprong op de Estse Sadeiko (4709) en de Belgische Thiam (4648).

Zevenkamp, verspringen: Visser houdt voorsprong op recordschema
Met een aanloop die nog verre van betrouwbaar is, bleef Nadine Visser goed in de wedstrijd tijdens het vijfde onderdeel van de zevenkamp in Barcelona. Met een afstand van 5,71 meter verloor ze slechts een luttel puntje op het schema van haar recordmeerkamp twee maanden geleden in Emmeloord. Toch was de pupil van Bart Bennema niet helemaal tevreden, want er had zoveel meer ingezeten. \'Ik kwam ver voor de balk uit\', verzuchtte de B-juniore. \'Bart zei dat het wel 6 meter was.\' Hetzelfde euvel speelde Visser parten in poging 2 (5,55 meter) en de derde sprong kwam evenmin uit de verf. \'Jammer, want met die eerste was ik heel blij gelijk.'
Het goede nieuws van de vrijdag was dat Visser zonder grote problemen aan de tweede dag van de zevenkamp kon beginnen. De enkelproblemen van dag 1 (niet aan het afzetbeen) worden met medische begeleiding (therapie, tape) onder controle gehouden.

Leidster in de wedstrijd blijft de Braziliaanse Tamara de Sousa, nu met 4506 punten. Tweede is de Cubaanse Rodriguez (4430) en derde de Zweedse Sofia Linde (4370). Visser staat negende met 4232 punten, maar de verschillen blijven klein: nummer vijf heeft nog geen 60 punten meer, nummer elf maar vijf punten minder.Luister (matige geluidskwaliteit) naar de reactie van Visser:

(link)

100 meter horden: Suzanne Williams naar halve finale

Suzanne Williams liep in de laatste van de zes series die bepaalden welke 24 atletes zaterdagavond de halve finale mogen lopen. Met een trio snellere hordenloopsters in haar race wist de Purmerendse atlete dat ze voluit moest gaan voor een plek bij de eerste drie, of zo snel mogelijk om anders een van de zes plekken als tijdsnelste te bemachtigen. \'Ik was me tijdens de wedstrijd niet bewust van mijn positie\', aldus Williams. \'Ik moest gewoon zelf mijn race lopen.\'

Kwalificatie hoogspringen: Hagens sneuvelt op 1,79 meter

Met 26 atletes in het veld die een beter persoonlijk record hadden, zou het altijd moeilijk worden voor Lisanne Hagens om zich in Barcelona bij de beste twaalf springsters van de WK junioren te voegen. Een 22ste plaats is dan zelfs nog een marginale verbetering. Hagens was echter ontevreden, over haar hoogte maar meer nog over het wedstrijdverloop: \'Mijn aanloop liep niet goed, de sprongen kwamen er niet allemaal goed uit.\'

Vooraf was becijferd dat de officiele kwalificatiehoogte weliswaar 1,84 meter was, maar dat in een vlekkeloze wedstrijd 1,79 meter in de eerste poging wellicht zelfs nog genoeg zou kunnen zijn voor een plek bij de eerste twaalf. Dat bleek uiteindelijk niet het geval (1,82m), maar Hagens gaf zichzelf de kans ook niet. \'Ik zat niet goed in de wedstrijd\', analyseerde de pupil van Marlies Larsen bij Ilion. Dat ze 1,65 en 1,70 meter in de eerste pogingen overschreed, deed daar niks aan af. Op doorzettingsvermogen haalde de debuterende scholiere nog wel 1,75 meter in de derde poging, maar daarna was de koek op.

'Jammer, want in mijn laatste twee wedstrijden sprong ik die 1,80 meter\', vond Hagens. Een enkelblessure speelde haar de afgelopen maand parten, dus dat wilde de Nederlands juniorenkampioene niet als excuus aanvoeren: \'Ik heb wel gewoon kunnen trainen.

Finales op dag 4:

10000 m snelwandelen jongens
1. Eider Arevalo (Col) 40.09,74 bwp, 2. Aleksandr Ivanov (Rus) 40.12,90, 3. Guanyu Su (Chn) 40.16,87.
Benjamin Thorne maakte op het eerste onderdeel van de dag iedereen zenuwachtig over vrijdag de 13e, want de Canadese ranglijstaanvoerder werd al vroeg gediskwalificeerd. Thorne had in de eerste rondes al meteen een demarrage geplaatst met nummer twee van het jaar, de Japanner Satto. Dat brak beiden op: Satto liep nog wel een nationaal (junioren)record van 40.19,10, maar wel pas op de vierde plaats. De winst ging daarentegen naar Arevalo, die vorig jaar ook al eens onder de 40 minuten dook. De Colombiaan droeg het goud op aan al zijn coaches - inclusief een die begin dit jaar overleed.

18.30 uur: Hoogspringen jongens
1. Andrei Churyla (Blr) 2,24, 2. Falk Wendrich (Dui) 2.24, 3. Ryan Ingraham (Bah) 2,24
Met nog vijf springers in de wedstrijd op 2,24 was het een wedstrijd van hoog kaliber - sterker nog de 2,21 van nummers vier en vijf Kroytor (Isr) en Ivanyuk (Rus) zou je in de helft van de WJK\'s een medaille hebben bezorgd. Churyla won omdat hij een poging minder nodig had dan zijn companen Wendrich (de B-junior die op 2,21 zijn record al had geevenaard) en Ingraham. De laatste kwam op 2,26 nog het dichtst bij, maar faalde - hoewel hij achteraf zei dat hij met zijn record van 2,28 eigenlijk 2,31 wil springen in Londen.

19.55 uur: Verspringen meisjes
1. Katarina Johnson-Thompson (GBr) 6,81w, 2. Lena Malkus (Dui) 6,80w, 3. Jazmin Sawyers (GBr) 6,67 bwjp
Wat een voorbereiding op de Olympische Spelen voor Johnson-Thompson. De Britse meerkampster bereidt zich in Barcelona voor op de Olympiade in eigen land en keert met een zak voor zelfvertrouwen terug. Vrijdagochtend liep ze eerst een persoonlijk record op de 100 meter horden (13,48) om vervolgens niet eens, of twee keer, maar zelfs drie keer haar verspringrecord ook te verbeteren - nadat ze dat in de kwalificatie ook al gedaan had. De winnende 6,81 meter had weliswaar een rugwind van 2,5 m/s die te sterk is voor de individuele ranglijsten, maar dat gebeurde precies met de atlete die daar als meerkampster geen boodschap aan heeft.
In de wedstrijd leek het lange tijd een Britse 1-2 te gaan worden. Sawyers openede met een beste wereldprestatie van 6,67 meter en bleef tot Johnson-Thompson (6,57 meter in ronde 1, 6,81 in haar vijfde sprong) aan de leiding staan. Zelf had ze echter een matige wedstrijd met verder louter ongeldige pogingen. Tot overmaat van ramp ging in de laatste ronde de Duitse Malkus haar (en bijna ook Johnson-Thompson) voorbij met een uithaal naar 6,80m (+3,0).

20.00 uur: 400 m horden jongens
1. Eric Futch (VS) 50,24, 2. Takahiro Matsumoto (Jap) 50,41, 3. Ibrahim Mohammed Saleh (S-A) 50,47
De traagste winnende tijd sinds 1994, maar wel een spannende race. Het kan bovendien Futch niet verweten worden, want die liep al een dik persoonlijk record. Matsumoto stapte in de voetsporen van Takatoshi Abe die twee jaar geleden ook zilver won, evenals Yoshihiko Saito die het deed in 1990. De Japanner kon net de opmars van Saleh voorblijven die wel de snel gestartte (en op de laatste horde nog tweede liggende) Jamaicaan voorbijging. Futch was hem daarvoor echter al wel hard voorbij gekomen.
Saleh bewees overigens maar weer eens hoe groot de culturele verschillen zijn op een mondiaal toernooi: in plaats van de pech-associatie van \'Vrijdag de 13e\' zag hij de vrijdag als de simpelweg als de dag van het (Islamitisch) gebed.

20.15 uur: 200 meter meisjes
1. Anthonique Strachan (Bah) 22,53 Kamp.rec, 2. Olivia Ekpone (VS) 23,15, 3. Dezerea Bryant (VS) 23,15
Met 0,62 seconden sloeg Strachan het grootste gat tussen 1 en 2 (en in dit geval drie) ooit in de geschiedenis van de WK junioren. Dat had ze ook op de 100 meter al bijna gedaan. Nu al de koningin van het toernooi (al moet ze die titel uiteindelijk wellicht delen met de Duitse kogelstootster/discuswerpster Shanice Craft), had ze het nog unieker kunnen maken op de 4x100 meter - maar de Bahamaiaanse ploeg haalde een uur voor de 200 meterfinale de finish niet vanwege een blessure voor de derde loopsters.
De strijd om het brons was bijzonder spannend met de jonge Britse Desiree Henry die het op de streep moest afleggen tegen de Amerikanen Ekpone en Bryant.

20.25 uur: Speerwerpen jongens
1. Keshorn Walcott (Tri) 78,64, 2. Braian Toledo (Arg) 77,09, 3, Morne Moolman (Z-A) 76,29
Argentinie en Trinidad&Tobagozijn duidelijk niet de meest voordehandliggende landen als het gaat om werpnummers bij mondiale atletiektoernooien. Niettemin was het duo Walcott en Toledo ook voor het toernooi al favoriet voor de medailles in Barcelona. De Argentijn had vrijwel de hele wedstrijd aan de leiding gestaan en werd door Walcott \'overvallen\' met een uithaal naar 78,64 meter in de allerlaatste ronde. Het was na het discusgoud van Dacres (Jam) al het tweede Caraibische werpgoud in evenzoveel dagen.

20.30 uur: 400 meter meisjes
1. Ashley Spencer (VS) 50,50 kamp.rec, 2. Kadecia Baird (Guy) 51,04 (Afrikaans record), 3. Erika Rucker (VS) 51,10
Met een kampioenschapsrecord (de Nigeriaanse Fatima Yusuf liep in 1990 50,62) leverde Spencer een van de beste prestaties van de avond in een razendsnelle race. De 51,04 van de Guyaanse atlete Baird zou in elf van de vorige edities goud hebben opgeleverd, evenals de 51,10 waar Rucker nu brons mee won. Zowel nummer vier Shaunea Miller als nummer vijf Justine Palframan (Z-Afr) zouden in alle vorige kampioenschappen (m.u.v. 2006) een medaille hebben gewonnen (en in bijna de helft van de keren goud). Miller (Bah) was titelverdedigster - en de enige die in de race geen persoonlijk record liep

21.30 uur: 200 meter jongens
1. Delano Wiliams (TKS) 20,48 NJR,  2. Aaron Ernest (VS) 20,53, 3. Tyreek Hill (VS) 20,54
Het verhaal van de finale is het verhaal van de man die laatste werd. Tot 30 meter voor de finish stond het voor iedere toeschouwer namelijk buiten kijf dat Julian Forte de race zou gaan winnen. Het duurde echter maar weinig van zijn hinkelpassen tot duidelijk werd dat de Jamaicaan een blessure (kramp) had opgelopen waar hij niet doorheen kon lopen. Het was wrang want de atleet (record 20,38) had na een matige start net veel terrein goedgemaakt en gewonnen.
In plaats van Forte kreeg Jamaica het \'next best\': goud voor een atleet die bij hen in Kingston woont en traint. Dat is namelijk Delano Williams, afkomstig van de Turks and Caicos eilanden. Die hield bovendien de Amerikaanse rivalen achter zich. De beste prestatie voor een \'TKS\' atleet was tot dusver een 24ste in de kwalificatie voor verspringer Simpson Penn in 2006. Ondanks de sprintdominatie van de landen op seniorenniveau is de 200 meter bij de WJK voor Jamaica ooit alleen gewonnen door ene Usain Bolt (in 2002). Ook on er al sinds 994 geen Amerikaan (die zelfs pas voor het eerst weer een medaille haalden sinds Wes Felix\' brons in 2002).

Tekst: Wilmar Kortleever;